Lekker skiën
Er zijn van die dagen, u kent ze wel, dat het niet allemaal even lekker loopt. Zo’n dag had ik gisteren. Het einde van het skiseizoen nadert, en dus organiseerde de skiclub waarvan wij lid zijn het einde-van-het-seizoens-feest-met-wedstrijden-voor-allen-en-eten-toe.
Zelf zijn wij de gelukkige en trotse ouders van drie kinderen. Een buurvrouw uit ons dorp heeft sinds erg kort ook drie kinderen. Vanwege onze aanbevelingen zijn haar oudste twee kinderen lid geworden van dezelfde skiclub als wij. Daardoor had ik gisteren ineens vijf kinderen te managen
toen de skiwedstrijden losbarstten. Onze kinderen, 9, 7 en 5. En als extraatje Llorenç (6) en Violeta (5). Franka zou beneden blijven, voelde zich niet lekker, en Montse, de moeder van Llorenç en Violeta diende bij Max (0) te blijven. Al was het maar om hem te voeden.
Op het moment dat dit scenario werd ingevuld wisten wij, de ouders, nog niet dat de skiwedstrijden helemaal bovenin het skistation zouden worden
gehouden. En niet, zoals vorig jaar, gewoon beneden bij het restaurant. Is toch anders. Het soort kleine details die het verschil uitmaken tussen
winnen en verliezen, zoals JC het zou zeggen. Hoe het verder zij, de kinderen moesten in de stoeltjeslift, een tweezitter. Suus is voor alle stoeltjesliften groot genoeg. Joep, Tim en Llorenç zijn in afnemende mate vertrouwd met het fenomeen. Bovendien heeft Joep twee jaar geleden bij een val uit de stoeltjeslift zijn kniebanden gescheurd, waardoor zowel hij als Llorenç een enigszins getroubleerde relatie met de stoeltjeslift hebben gehad. Van Violeta wist ik zeker dat ze begeleiding van een volwassene nodig zou hebben.
In tegenstelling tot het vraagstuk van de wolf, de geit en de kool die over de rivier moeten worden gebracht, zijn er allerlei manieren om deze puzzel
tot een oplossing te brengen. De veiligste manier is om als volwassene met steeds één kind omhoog te gaan, terug te skiën, en de volgende mee te nemen. Behalve dat het omslachtig is, moet je er zeker van zijn, dat de kinderen beneden op hun beurt blijven wachten én dat de kinderen die boven aangekomen zijn niet voor de lol naar beneden skiën. En je moet je zelf ook een beetje te vertrouwen zijn.
Uiteindelijk koos ik voor de oplossing waarbij Suus met Llorenç als eerste naar boven zouden gaan (Suus is een kind met een groot
verantwoordelijkheidsgevoel). In het tweede stoeltje wilde ik Joep en Tim plaatsen, waarbij ik de liftbegeleider dacht te gaan assisteren bij het
instappen, mochten zich daar onverhoopt problemen bij voordoen. Bediening van veiligheidsbeugel en uitstapvaardigheden leken me bij dit team ook voldoende. En in het laatste stoeltje Violeta en ik. Alles onder contrôle. Tot mijn intense voldoening liep het op rolletjes: Suus en Llorenç zwaaiden mij vrolijk toe; Joep en Tim, de sneeuw lag hoog onder het instappunt, zag ik de beugel onmiddellijk naar beneden doen. Ik draai me om, om mijn ski’s aan te gaan doen en Violeta op te halen……….. Staat naast mij een grote rode helm verwachtingsvol te glimlachen. Zeg tot tweemaal toe tegen de liftbegeleider dat deze lieve helm niet, ¡ik zeg niet! in mag stappen, waarop deze behulpzame man het meisje optilt (ik denk, om te zorgen dat het aanstormende stoeltje haar niet wegmaait) en in de lift deponeert. Zelf was ik opzijgestapt voor het naderende stoeltje, en kon er dus niet meer bij. Schreeuw, behoorlijk in paniek: Stop, Stop…….Jezus, zet dat ding stop man (dat kunnen ze, die liftbegeleiders) en hoor in mijn oorhoeken de moeder van Violeta hetzelfde gillen.
Tegen de tijd dat ik zover bij zinnen was dat ik de stopknop begon te zoeken, was Violeta 20m verder en 10m hoger. De veiligheidsbeugel onaangeroerd. Zinloos, te laat. Gelukkig goed afgelopen, zoals de meeste bijna-ongelukken gelukkig goed afgelopen. Maar wat duurden die tien minuten lang, lang, voordat ik uit kon stappen en ik alle kinderen gezond en wel kon begroeten. Ik heb er nog steeds een beetje buikpijn van.